Karate

 

Karate, letterlijk de kunst om met de lege hand te vechten. Door de systematische training van bepaalde technieken, zoals het afweren van aanvallen en het plaatsen van tegenaanvallen, kan het menselijke lichaam zich als een doeltreffend wapen ontwikkelen. Het moderne Karate bestaat uit zelfverdediging en wedstrijdsport, maar de grootste groep beoefent het karate om lichamelijk fit te worden en te blijven. Op de trainingen komen onderdelen als snelheid, kracht, durf en bewegingsinzicht aan de orde. Ook heeft karate een positieve werking op het zelfvertrouwen.

Vaak wordt karate in verband gebracht met zinloos geweld, maar normen en waarden zijn juist bij karate erg belangrijk. Respect voor elkaar staat bij ons hoog in het vaandel. Jezelf kunnen beheersen is ook een belangrijk onderdeel van de training. Karate is daarom niet ontwikkeld om iemand zomaar aan te vallen, maar je mag jezelf wel verdedigen. Een goede vechtsporter weet ook hoe hij een gevecht moet ontwijken. Uiteraard leer je dit niet in een paar lessen, je moet er serieus mee bezig zijn.

Onderdelen die getraind worden zijn kihon, kata en kumite. Kihon betekent basis. De combinaties van basistechnieken zijn onuitputtelijk, waardoor een karateka onvoorspelbaar op gevechtssituaties leert reageren. Kata is een denkbeeldig gevecht tegen meerdere tegenstanders die uit verschillende richtingen komen. Ten slotte wordt de nodige aandacht besteed aan het kumite, het vechten, hierin worden de technieken uit kihon en kata toegepast.

Geschiedenis

Gichin Funakoshi

Zelden wordt in een uitleg over karate de naam Gichin Funakoshi niet genoemd. Gichin Funakoshi wordt gezien als de grondlegger van het moderne karate. Hij werd geboren in 1869 in Shuri, Okinawa. Toen hij nog erg jong was, werd hij al getraind door twee beroemde meesters uit die tijd. Elk van de twee leidde hem op in een andere vechtkunst uit Okinawa. Na lange tijd zou het de menging van deze twee kunsten zijn, die Funakoshi tot karate smeedde.

In 1917 introduceerde Gichin Funakoshi het karate in Japan. Over de jaren heen gaf hij verschillende demonstratie in Japan. Mensen waren zo enthousiast dat de populariteit van karate maar bleef groeien, zowel in Okinawa als in Japan. Karate clubs schoten overal als paddestoelen uit de grond.

In 1957, op 88-jarige leeftijd, stierf Gichin Funakoshi. Hij liet een vechtkunst achter die vandaag de dag nog steeds beoefend wordt.

 

Foto: Gichin Funakoshi

Afgroeten

In onze stijl is het gebruikelijk om te buigen of te groeten. Op deze manier tonen we respect voor de grondlegger, voor de dojo, de sensei, maar ook voor de medeleerlingen en andere aanwezigen. Het is van belang dat we dit respect ook werkelijk voelen en laten zien. Bij het binnen komen en verlaten van de dojo wordt er gegroet, als de leraar het teken geeft dat de les gaat beginnen stelt iedereen zich naast elkaar op. De leerlingen stellen zich op in volgorde van de graad die men bezit, In Musubi dachi wachten we vervolgens op het teken van de sempai, die het groeten, waarmee elke les begint en eindigt, leidt. Dan begint de training. Wanneer we tijdens de training voor de leraar of elkaar buigen beloven we om flink en doelgericht te oefenen.

Een groetceremonie voor en na de les ziet er als volgt uit:

  • Seiza zazen: formele kniezit (zazen=zittende aandacht,meditatievorm die beoefend wordt in het Zen-boeddhisme. Zazen wordt beoefend om bevrijd te raken van lijden, door het realiseren van een kalme, wakkere geest die niet wordt gehinderd door hevige emoties en illusies.
  • Mokuso: begin van de meditatie, sluit even de ogen
  • Mokuso yame: einde van de meditatie, open de ogen
  • Shinden ni rei: groeten voor Funakoshi, de grondlegger
  • Sensei ni rei: groeten voor de leraar
  • Kiritsu: verzoek om op te staan
  • Otagai ni rei: groeten voor alle aanwezigen
  • Oss: groeten